Ik ben uit stof, ik word weer stof,
want eenmaal zal ik overlijden.
Daar wil ik mij op voorbereiden,
ik wil een graf, hier, in mijn hof.
Mijn Meester sterft en ik grijp moed.
Nu kan ik echt niet langer zwijgen,
ik wil zo graag Zijn lichaam krijgen!
En zie! Pilatus vindt het goed!
Ik draag Hem naar mijn eigen graf.
Wat kan ik anders aan Hem geven?
Hij krijgt mijn graf – ik krijg Zijn leven
en niemand neemt dat van mij af.
Mijn graf is nu niet meer van mij!
Hij heeft het eerst daarin gelegen,
Hij gaat mij voor met heil en zegen.
Als ik straks sterf, is Hij erbij!