1. Een lied van Bruidegom en bruid.
2. Ik hoor Zijn zoete stemgeluid!
3. Ik vond Hem, want ik was Hem kwijt.
4. Hij roemt mijn pracht en heerlijkheid.
5. Ik liet Hem gaan en kreeg berouw,
6. maar Hij, mijn Bruidegom, blijft trouw!
7. Naar Hem gaat mijn verlangen uit.
8. De trouwdag wacht, ik ben Zíjn bruid.